
Rubriek Bevelands Heem: Baarsdorp
Algemeen 139 keer gelezenIn 2018 lazen we in de nieuwsbrief van de Stichting Behoud de Zak van Zuid-Beveland een artikeltje over het voormalige dorp Baarsdorp. Dit dorp vormde samen met Sinoutskerke de gemeente Sinoutskerke en Baarsdorp. In 1816 ging dit op in ‘s-Heer Abtskerke.
Door Frits de Kaart
Baarsdorp was vroeger een heerlijkheid. Een heerlijkheid was in de Middeleeuwen een afgebakend stuk grond met opstallen en landerijen waaruit een ‘heer’ (of een vrouwe) een inkomen kon halen. De heerlijkheid was aan de heer toegewezen (beleend) door een hoger gezag, een graaf of een hertog, die op zijn beurt weer rekening moest houden met een koning of een keizer.
Al in de dertiende eeuw duiken in de kronieken mensen op die de naam Van Barsdorp dragen. Zij waren nauw verwant met de adelijke familie Van Borssele, van wie wordt aangenomen dat die de eerste eigenaar is geweest van het mottekasteel, dat nu nog als vliedberg in het landschap zichtbaar is. Het heeft de traditionele vorm, zoals ook nog goed te zien is in de Berg van Troye in Borssele. Twee verhogingen in het landschap: een hoofdburg en een voorburg. In de dertiende eeuw moet het niet meer zijn geweest dan palisaden en aarde, maar in de loop van de geschiedenis is er een stenen slot op gebouwd. Dat weten we omdat het in de zeventiende eeuw is afgebroken.
Rond een mottekasteel ontstond altijd een meer gestructureerde economie, een dorp dus. De arbeiders bouwden hun huizen bij elkaar op de beste delen van de grond, in dit geval op de kleine kreekrug die voor de stichters van het slot de aanleiding moet zijn geweest om deze plek te kiezen. Het stichten van een heerlijkheid voor de inwoners was, naast de handhaving van de orde, altijd de verantwoordelijkheid van de heer, dus moest er een kerk komen.
Aan het begin van de veertiende eeuw stond de kerk er al en tot de reformatie werden regelmatig geestelijken benoemd om de Baarsdorpse schapen te hoeden. Na de reformatie raakte Baarsdorp in de versukkeling. In de kerk werden geen diensten meer gehouden en ook de molen verdween.




















